Inleiding

Leven met God (Deel 2)

Zonden Belijden

Er zijn in de Bijbel veel voorbeelden van mensen die vervielen in perioden van zonden terwijl ze in God geloofden. Wanneer een mens tot geloof gekomen is zijn dit verschrikkelijke periodes; het merkt een verwijdering tussen hem en zijn Vader en beseft dat het Hem pijn heeft gedaan. De Vader ziet met pijn in het hart dat Zijn kind wegloopt, dingen doet die tegen Hem in gaan. Een snelle verzoening is dan ook noodzakelijk en gelukkig mogelijk. Jezus plaatsvervangende dood reinigt ons namelijk van alle zonden en is het middel om het weer goed te krijgen met de Vader. Hoe droevig ons leven er ook uit kan zien door eigen falen, nooit mag een christen daar aan twijfelen. Wij kunnen wel bij God weglopen maar Hij blijft altijd met open armen op ons staan wachten. (Lukas 15: 11-32)

Onze zonden maken scheiding tussen ons en God. (Jesaja 59: 2) Wanneer wij (bewust) zondigen komt er iets tussen ons en God in te staan. Net als dat wanneer wij ruzie gehad hebben met een bekende; we merken dat het niet goed zit tussen Hem en mij. Gelukkig geeft God Zelf de weg aan om deze obstakels uit de weg te ruimen: “Als wij onze zonden belijden: Hij is getrouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.” (1 Johannes 1: 9). Wat een ongelofelijk belofte is dit. Zwart op wit laat God het zetten, dat wanneer wij onze zonden voor Hem bekennen Hij deze absoluut vergeeft.

Staat u nog in een onverzoende houding met God? Grijp deze belofte dan aan. Laat het uw eerste stap zijn om te knielen en met God te spreken, belijdend wat u verkeerd hebt gedaan in uw leven niets verbergend. Beroep u op de Heere Jezus. Belijd dat u geen vergeving verwacht dan alleen vanwege Jezus Christus die de straf op Zich heeft genomen. Laat onderstaande gedeeltes van liederen – die uit de Bijbel komen (Psalm 32) – u tot bemoediging en verzekering wezen dat uw zonden vast en zeker vergeven worden.

(Psalm 32)
“Ik bekende, o Heere, aan U oprecht mijn zonden.
Ik verborg geen kwaad dat in mij werd gevonden.
Maar ik beleed na ernstig overleg.
Mijn boze daden. U nam die gunstig weg”

“Welzalig Hij, van wie de zonden zijn vergeven.
Die van de straf (op de zonde) voor eeuwig is ontheven (vrijgesproken).
Van wie de verkeerde daden, waardoor Hij was bevlekt,
voor het Heilig oog van de Heere zijn bedekt.
Welzalig is de mens, wie het mag gebeuren,
dat God, naar recht, Hem niet meer schuldig wil keuren.”

(Psalm 103)
"Looft Hem die u, al wat gij hebt misdreven (verkeerd hebt gedaan),
hoeveel het ook is, genadig wil vergeven"

Waarom God?

Wie is God?

De christelijke rust

Hemel of hel

Ben ik gered?

Leven met God

Gratis Bijbel bestellen

Boeken/artikelen/media

Contact

Home

Aanmelden nieuwsbrief